We gaan even terug naar begin 2012. Burgemeester van Giessenlanden Els Boot weigerde de politie mee te laten werken aan het uitzetten van de Afghaanse vluchteling Rafiq Naibzay. Zijn gezin zou mogen achterblijven. Ze vreesde dat de uitzetting ‘rampzalige gevolgen’ zou hebben omdat de depressieve vrouw van de man zelfmoord zou willen plegen. Minister Leers stelde zich op het standpunt dat burgemeesters niet te interfereren hebben in de uitzettingstaak van de politie.

Vervolgens kozen veertig gemeenten de kant van Boot in de discussie. In een brief aan de minister onderstreepten zij het punt dat een burgemeester medewerking mag weigeren als de openbare orde in het geding is. Boot en Leers spraken af dat de bevoegdheden van burgemeester bij uitzetting nader onderzocht zouden worden. In overleg met de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) en het Genootschap van Burgemeesters is advies gevraagd aan prof. mr. dr. J.G. Brouwer (Rijksuniversiteit Groningen) en prof. mr. dr. A.E. Schilder (Vrije Universiteit Amsterdam) inzake
‘het gezag over de politie bij uitzetting van vreemdelingen’.

De kern van het conflict:
De burgemeester is verantwoordelijk voor de handhaving van de openbare orde volgens de Gemeentewet (Gemw). Deze zou volgens de burgemeesters in het geding zijn bij uitzettingen. Ook zou hun hulpverleningstaak hen beletten mee te werken. Bij de uitvoering van beide taken kan de burgemeester krachtens de Politiewet 1993 (Polw) aan de aan
hem bij deze taken ondergeschikte politie aanwijzingen geven.

Aan de andere kant is volgens art. 63 van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw) de Minister voor Immigratie, Integratie en Asiel verantwoordelijk voor de uitzetting van vreemdelingen en geeft hij hiertoe aanwijzingen aan de vreemdelingenpolitie. Een opdracht tot daadwerkelijke uitzetting staat vanzelfsprekend haaks op een aanwijzing van de burgemeester om hieraan niet mee te werken. De wettekst biedt helaas geen eenduidig antwoord op de vraag wat voorgaat, terwijl dat wel van groot belang is voor het goed functioneren van vreemdelingenrecht.

De conclusie van het advies:
De conclusie is dat bij uitzetting van vreemdelingen de politie exclusief onder gezag van de Minister voor Immigratie, Integratie en Asiel staat. De burgemeester mag noch met een beroep op de hulpverleningstaak, noch met een beroep op zijn verantwoordelijkheid voor de openbare orde de naleving van de Vreemdelingenwet 2000 frustreren
door de politie te verbieden medewerking te verlenen bij de uitzetting. De burgemeester moet niet al te gemakkelijk het uitvoeren van rechtsregels kunnen frustreren met een beroep op het belang van handhaving van de openbare orde. Op hem rust in beginsel een inspanningsverplichting om dergelijke activiteiten mogelijk te maken door voldoende politie in te zetten ter handhaving van de openbare orde.

Dat betekent echter niet dat de inspanningsverplichting zonder grenzen is. In een geval van ernstige overmacht met voorzienbare ordestoringen op een schaal en met een intensiteit die de burgemeester redelijkerwijs niet kan beteugelen met de hem ter beschikking staande politiemacht, is een uitzondering denkbaar. Een burgemeester die zich met een beroep op zijn zorgplicht of de handhaving van de openbare orde tegen uitzetting verzet, zonder dat sprake is van ernstige bestuurlijke overmacht, maakt zich schuldig aan oneigenlijk gebruik van zijn bevoegdheid.

Conclusie:
Hopelijk is hiermee het conflict opgelost. Een advies in deze lijn lag wel in de verwachting, het zou immers een onhoudbare situatie opleveren als een burgemeester hogere regelgeving buiten spel kan zetten met een beroep op het feit dat mogelijk de openbare orde verstoord gaat worden c.q. met een beroep op de hulpverleningstaak. Dergelijke bevoegdheden van de burgemeester zijn ook niet in het leven geroepen om gebruikt te worden voor elk wissewasje. Er moet echt wel wat meer aan de hand zijn voordat sprake is van een noemenswaardige verstoring van de openbare orde.

Overigens benadrukken de betrokken ministers dat de inzet is om waar deze twee bevoegdheden tegelijkertijd spelen, er gezamenlijk uit te komen. Het uitgangspunt is dan ook dat het altijd mogelijk moet zijn om te komen tot een oplossing en niet dat de burgemeester zonder meer overruled wordt door een minister.

Bron:
Kamerbrief over het gezag over de politie bij uitzetting van vreemdelingen via rijksoverheid.nl
Advies: ‘Het gezag over de politie bij uitzetting van vreemdelingen’ via rijksoverheid.nl

Comments closed.