Grofweg eens per half jaar brengt het Internationaal Monetair Fonds het Global Financial Stability Report uit. Dit gebeurt gewoonlijk in april en oktober. Het rapport omvat altijd een recente stand van zaken van de wereldeconomie en is één van de belangrijker rapporten op dit vlak. Deze rapporten zijn altijd zeer omvangrijk en ik ga dan ook niet het gehele rapport van april hier behandelen. Deze rapporten bevatten altijd enkele punten waar specifiek aandacht aan wordt besteed en ditmaal is dat longevity risk en daarmee samenhangende verschijnselen. Die zullen we apart bekijken.

Longevity risk:
Longevity risk is het risico waaraan een instantie kan worden blootgesteld als gevolg van hoger dan verwachte uitbetaling ratio’s. Dit is met name relevant voor instanties als levensverzekeraars of pensioenfondsen. Deze moeten in het heden ramingen maken voor uitbetalingen die in de toekomst plaats gaan vinden.

Dit moet overigens niet verward worden met het marktrisico wat iedere speculant loopt. Het gaat echt alleen om het risico wat samenhangt met hoger dan verwachte uitbetalingen. Een marktrisico loopt iedereen die zich op de markt begeeft.

Het verschil kan geïllustreerd worden aan de hand van problemen die Nederlandse pensioenfondsen momenteel hebben met hun dekkingsgraad. Dit wordt niet veroorzaakt doordat pensioenfondsen verkeerd hebben ingeschat hoeveel er moet worden uitgekeerd en op welk tijdstip (longevity risk) maar doordat beleggingen niet zo goed rendeerden als gehoopt (marktrisico).

Marktrisico en longevity risico gaan natuurlijk wel hand in hand. Als het met één van beiden fout gaat kunnen er al problemen optreden.

De situatie:
Nu terug naar het IMF rapport. De grondslag van longevity risico’s is tweeledig van aard. Ten eerste groeit de wereldbevolking hard door. Het groeitempo is in het laatste decennium weliswaar gezakt van 1,3% naar 1.09% maar er komen nog altijd in rap tempo meer mensen bij en een einde aan de groei lijkt nog lang niet in zicht.

Ten tweede worden mensen gemiddeld genomen steeds ouder, niet alleen in bijna volledig geïndustrialiseerde landen maar over de hele wereld. Ook voor deze trend zijn er geen indicaties dat dit binnenkort anders gaat worden. De combinatie van deze factoren zorgt er voor dat we steeds meer mensen zullen krijgen die steeds ouder worden. Naarmate we ouder worden hebben we meer specifieke en vrij dure behoeften, met name geassocieerd met gezondheidszorg maar ook met reguliere inkomensvoorziening.

Er zijn een heel aantal manieren om met dit soort problemen om te gaan. Om even bij Nederland te blijven: hier hebben we bijvoorbeeld de AOW en zorgverzekering (publiekrechtelijk van aard) en een pensioenstelsel (privaatrechtelijk van aard). We willen graag dat deze dingen niet alleen vandaag de dag betaalbaar zijn maar over honderd jaar ook nog kunnen functioneren. Met andere woorden: we moeten nu al gaan kijken wat we kunnen doen om het verwezenlijken van een longevity risico later te voorkomen.

Aanbevelingen uit het rapport:
Overheden moeten het bestaan van longevity risico’s erkennen en er nu al op inspelen. Dat kan volgens het IMF het beste door de pensioengerechtigde leeftijd te koppelen aan ontwikkelingen van de levensverwachting. Daarnaast kan in landen waar het arbeidsaanbod niet heel erg wordt beïnvloed door belastingen, de sociale premie opgevoerd worden (mensen die werken gaan dus meer sociale premies betalen.) Een derde en politiek waarschijnlijk meest gevoelige keuze is om uitkeringen te verkleinen.

Het risico moet ook zoveel mogelijk gedeeld worden tussen de publieke sector en private sector. Ook moet er worden geïnvesteerd in het vinden en beschikbaar maken van informatie. Daardoor kan de markt ook beter op het risico inspelen. Tot slot moeten longevity risico’s een belangrijkere post gaan innemen en net zo behandeld worden als andere financiële risico’s zoals het inflatierisico en renterisico.

De rol van Nederland:
Het zal niemand verbazen dat Nederland met name in de context van pensioenregelingen veelvuldig wordt genoemd in het rapport. De meeste aanbevelingen die in het rapport worden genoemd om mogelijke problemen in te dammen, worden hier al in de praktijk gebracht. Het merendeel van deze maatregelen is impopulair en dat is volstrekt begrijpelijk. We hebben op dit moment echter geen betere oplossingen voor handen en we weten absoluut zeker dat het gigantisch misgaat als er niets wordt gedaan. Dit rapport is allicht maar één van de vele maar stapels andere rapporten en onderzoeken wijzen ook deze richting op. De indicatie is dus op basis van de huidige informatie dat de Nederlandse politici correct handelen.

Bron:
Global Financial Stability Report april 2012

Comments closed.