Mr. Frank Visser alias de Rijdende Rechter, welke rechtenstudent is er niet groot mee geworden? Wekelijks bezoekt Mr. Visser twee partijen die ruzie hebben over huis-,tuin- en keukenaangelegenheden. De Rijdende Rechter buigt zich over het geschil en doet vervolgens uitspraak in de studio. De Rijdende Rechter geeft echter geen vonnissen maar een bindend advies. Dit staat ook duidelijk in de overeenkomst die partijen van tevoren ondertekenen: “De Rijdende Rechter” is een televisieprogramma waarin partijen conflicten ter beoordeling en voor bindend advies voorleggen aan een bindend adviseur. […] Door ondertekening van deze overeenkomst onderwerpen Partijen zich overigens aan het Bindend Advies Reglement ‘De Rijdende Rechter’ editie [datum] en verklaren zij een exemplaar daarvan te hebben ontvangen.

Maar wat nu als je het niet eens bent met het oordeel van de Rijdende Rechter? Dan stap je natuurlijk naar de echte rechtbank en ga je het daar proberen. Bij mijn weten is het nu de eerste maal dat een uitspraak van de Rijdende Rechter door de rechtbank wordt getoetst. Daarmee komt nu eindelijk duidelijkheid over de juridische status van de bindende adviezen gegeven door de Rijdende Rechter.

De feiten:
Tussen partijen bestond een geschil over de wijze van uitvoering van de verbouwingswerkzaamheden en de betaling ervan. Volgens de opdrachtgever (eiser) was de kwaliteit van het werk gebrekkig en had hij recht op vergoeding van de herstelkosten. De aannemer (gedaagde) reageerde hier op met een tegenvordering onder meer strekkende tot betaling van nog openstaande facturen. De werkzaamheden waren nog niet helemaal afgerond maar opdrachtgever had de aannemer zonder enige aanmaning direct de toegang tot de woning ontzegd. Mede hierom besloot de Rijdende Rechter in zijn bindend advies dat beide partijen over een weer niets meer van elkaar te vorderen hadden.

Opdrachtgever weigerde zich neer te leggen bij dit oordeel. Hij vordert het bindend advies te vernietigen, omdat het naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid niet gerechtvaardigd zou zijn hem hier aan te houden. De Rijdende Rechter zou geen rekening hebben gehouden met deskundigenrapportages en de inhoud van twee brieven. Ook zou de schade ten gevolge van een fout van gedaagde op een veel te laag bedrag zijn begroot.

Oordeel en overweging rechtbank:
De rechtbank stelt voorop dat het bindend advies moet worden aangemerkt als een beslissing zoals bedoeld in artikel 7:904, eerste lid, BW. Van vernietiging van een dergelijk advies kan pas sprake zijn wanneer vaststaat dat het bindend advies ernstig gebrekkig is gemotiveerd en/of bij de totstandkoming van het bindend advies fundamentele beginselen van een behoorlijk procesrecht zijn geschonden en eigenaar als gevolg daarvan schade heeft geleden.

Het advies wordt slechts marginaal getoetst door de rechter. De rechtbank beoordeelt slechts of de rijdende rechter in redelijkheid tot de door hem gegeven beslissing heeft kunnen komen. Er wordt geen aandacht besteed aan inhoudelijke elementen die niet ook reeds bij de rijdende rechter zijn behandeld. De toetsing heeft derhalve niet het karakter van een hoger beroep.

De door de rijdende rechter gegeven motivering voor zijn conclusie dat eiser in schuldeisersverzuim is komen te verkeren, is niet ernstig gebrekkig. Zo het al juist is eiseres een afschrift van de brieven heeft overhandigd, heeft de Rijdende Rechter daar kennelijk het gewicht aan toegekend dat eiser daaraan toegekend had willen zien. Dat over de juistheid van dit (juridische) oordeel discussie mogelijk zou kunnen zijn, maakt echter evenmin dat van een aperte onjuistheid of een ten ene male onhoudbaar standpunt kan worden gesproken.

In tegenstelling tot wat eiser beweert, heeft de Rijdende Rechter de deskundigenrapporten wel in zijn beoordeling betrokken. In het bindend advies staat: ‘De Rijdende Rechter heeft kennis genomen van alle door partijen overgelegde stukken’ Nu de bindend advies overeenkomst melding maakt van twee deskundigenrapporten, gaat de rechtbank er van uit dat deze meegenomen zijn aangezien eiser het tegendeel niet duidelijk gemotiveerd kan aantonen.

De rechtbank volgt eiser evenmin in de stelling dat de motivering van het advies gebrekkig is. De Rijdende Rechter is mede op basis van een mondeling verslag van een door hem ingeschakelde (en dus: onafhankelijke) deskundige tot zijn beslissing gekomen en partijen hebben de mogelijkheid gehad om op die conclusies te reageren. Vervolgens heeft de Rijdende Rechter afdoende gemotiveerd wat de tekortkoming van de aannemer was en welke schade eiser daardoor heeft geleden.

De vordering van eiser wordt afgewezen.

Conclusie:
Het bindend advies zoals de Rijdende Rechter dat geeft kan worden gezien als een vaststellingsovereenkomst. Een dergelijke overeenkomst is slechts dan vernietigbaar als naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid nakoming niet kan worden verlangd. De redelijkheid en billijkheid ziet zowel op de inhoud van de overeenkomst als op de wijze van totstandkoming ervan. De rechtbank zal slechts marginaal toetsen en de procedure heeft daarom ook niet het karakter van een hoger beroep.

Bron:
Rechtbank Amsterdam, ECLI:NL:RBAMS:2013:7984

Comments closed.