Het is weer lekker weer in Nederland, gisteren, vandaag en de komende dagen temperaturen boven de 20 graden. Op enkele plaatsen komt het kwik zelfs tot 28 graden. Laten we zeggen dat het weer een beetje zomer is in Nederland.

Bij dit soort weer horen terrasjes en lekker in de tuin barbecuen met vrienden. Bij dit soort weer hoort ook witbier en het zoveelste zomerdrankje wat ‘in’ is. We kunnen het ons voorstellen dat je dit soort dingen meer dan zat bent. Maar wat consumeer je op een terras of serveer je bij een soirée als je een class act bent. Het wellicht niet voor de hand liggende antwoord is de cocktail.

Vandaag in het eerste deel van de cocktailspecial alle hulpmiddelen die je nodig hebt om de perfecte cocktail te maken. Morgen in het tweede deel een aantal recepten voor heerlijke zomerse cocktails.

ijs:
Om cocktails te maken heb je ijs nodig in behoorlijke hoeveelheden. Een cocktail wordt koud gemaakt door de drank te schudden met ijsklontjes. Je kunt dit zelf maken in vormen voor ijsklontjes of een zak ijsklontjes kopen bij de supermarkt.

ijspriem of ijsvergruizer:
Voor sommige cocktails zoals de mojito is vergruisd ijs nodig. Dit kun je zelf doen met een ijspriem of als je het professioneler aan wil pakken een ijsvergruizer. In geval van nood kun je ook ijsklontjes in een plastic zak doen, er een theedoek omheen wikkelen en een paar keer met een hamer erop slaan.

Strainer:
Als je de cocktail in een glas schenkt dan wil je niet dat alle ijsklontjes meegaan. Hiervoor is een soortement van theezeef uitgevonden die een strainer heet. Hier zijn twee varianten van: een Julep strainer

en een Hawthorne strainer

Een alternatief is een model cocktailshaker met een strainer ingebouwd.

Cocktailshaker:
De basis van alle goede cocktails is een cocktailshaker. Hierin worden alle ingrediënten en ijs door elkaar geschud om tot een perfecte harmonie te komen. Bij het kiezen uit een cocktail shaker kun je gaan voor een Boston shaker of voor het klassieke model.

Het Boston model bestaat uit een glazen helft en een metalen helft. Deze schuiven in elkaar waardoor het geheel afgesloten wordt. Voor de Boston shaker is een losse strainer nodig hoewel een geoefende mixer regelrecht uit de shaker kan schenken door de helften een klein beetje van elkaar te houden. Sommige mixers geven een voorkeur aan de Boston shaker omdat hij een betere balans zou hebben. Dit is echter met name een kwestie van persoonlijke voorkeur.

De Boston Shaker heeft geen ingebouwde strainer dus losse exemplaren moeten worden gebruikt. Bij het schenken vanuit het glazen gedeelte wordt vaak een Julep strainer gebruikt en bij het schenken vanuit het metalen gedeelte wordt vaak een Hawthorne strainer gebruikt. De reden hiervoor is simpelweg dat de Hawthorne qua formaat altijd beter op het metaal past en de Julep qua formaat beter bij het glas past.
Onderstaand model Boston shaker is van Alessi.

Een andere keuze is het klassieke model. Dit model heeft wel een strainer ingebouwd zitten. Het bestaat uit een hoge metalen beker waar de strainer inklikt, vervolgens wordt er op de strainer een dop geplaatst. Voor het uitschenken hoeft alleen maar de dop verwijderd te worden.

Een klassiek model shaker is vaak iets compacter dan het Boston model. Bij mensen met kleinere handen is daarom een klassiek model vaak populairder. Onderstaan model klassieke shaker is ook van Alessi.

Jigger:
Een ervaren bartender kan op het oog de juiste hoeveelheden in de shaker gieten. Als beginner is een maatbeker handiger. Een maatbekertje specifiek voor het mixen van cocktails wordt een jigger genoemd. Het zijn twee kleine kegeltjes met de bodem tegen elkaar. Ze bevatten vaak Amerikaanse standaardmaten voor het mixen van cocktails omdat de meeste cocktailrecepten met Amerikaanse maten worden gemeten.

Barlepel:
Anders dan de gebruikelijke lepel, barlepels hebben gewoonlijk een lange steel(voor het bereiken van de bodem van hoge glazen), een spiraalhandgreep (eenvoudig verdraaien van de as) en een kleine lepelkom met gaten (voor het in lagen opschenken van likeuren). Dit type lepel wordt gebruikt voor het roeren van drankjes en het stapelen van ingrediënten. Ook zeer nuttig voor dingen als het uit een pot vissen van kersen.

Muddler:
Een muddler is een dikke staaf van hout of roestvrij staal en wordt gebruikt om bestanddelen te mengen in een glas. Ook is het nodig om de sappen en oliën van groenten en munt uit de bladeren te krijgen door deze te kneuzen. Kies een model dat op de wijdste punt twee tot drie centimeter breed is, dit werkt sneller dan smallere exemplaren en ligt beter in de hand.

Glazen:
Een heel aantal cocktails komt het beste tot zijn recht in een speciaal glas. Zorg voor glazen die geschikt zijn voor de cocktails die je gaat maken. Wie vaker mixt zal tumblers (whiskyglas), martiniglazen en longdrinkglazen in huis hebben.

Al deze materie is relatief goedkoop verkrijgbaar tegenwoordig. Een complete cocktailset hoeft inclusief allerlei glazen niet meer dan € 100,- te kosten. Nu je weet wat er nodig is volgen morgen een aantal recepten.

De rechtspraak is dit jaar flink aan de weg aan het timmeren. De politiek was dit jaar nog bezig met een verhoging van de griffierechten maar dat is vooralsnog van de baan. Bij de rechtspraak zelf gaat per 1 januari het Landelijk Dienstencentrum voor de Rechtspraak (LCDR) van start. Het doel is dat alle belangrijke bedrijfsvoeringstaken van alle gerechten en andere instanties van de Rechtspraak ondergebracht worden op één locatie.

Het vooralsnog meest belangrijke wapenfeit is centralisatie van de inning van griffierechten. Dit zal reeds per 1 september 2012 plaats gaan vinden. Momenteel wordt dit nog door ieder gerecht afzonderlijk gedaan. Als je als advocaat dus voor meerdere cliënten procedeert bij meerdere gerechten krijg je veel afzonderlijke rekeningen. Voor professionele partijen betekent de centrale inning van griffierechten een vereenvoudiging van de administratie. De professionele partijen krijgen bovendien eens per maand een digitaal overzicht, hiertoe wordt een internetportal opgericht.

Advocaten, notarissen, deurwaarders etc die geregeld rechtshandelingen verrichten voor hun cliënten, krijgen straks nog maar één factuur waar de heffing van alle lopende zaken opstaat. Dat betekent een overzichtelijker bedrijfsvoering.

Een andere nuttige truc is dat de heffing verloopt via een landelijke rekening-courant en dat griffierechten worden geacht betaald te zijn op het moment dat zij verschuldigd worden. Daadwerkelijke betaling vindt dan allicht wat later plaats maar de zaken kunnen dan al direct in behandeling worden genomen door de rechtbank. Anders moet er eerst een nota naar de professional, die moet de nota gaan betalen, betaling moet worden geverifieerd bij het griffie, de zaak krijgt een goedkeuring voor behandeling en dan pas gaat de rechter er naar kijken. Het verschil tussen deze methodes is al snel een week en dat is best lang.

Overigens kunnen professionele dienstverleners allicht niet onbeperkt ‘rood’ staan op de rekening-courant. Er zal een termijn worden gesteld dat daadwerkelijke betaling binnen moet zijn.

De professionele partners zich nu al aanmelden voor een landelijke rekening-courant. Hiervoor is een aparte website in het leven geroepen.

Bron:
Landelijk Dienstencentrum voor de Rechtspraak
Inning griffierechten: voortaan één nota, één administratie

De EU, verzameling van prachtige wet- en regelgeving voor de één, toppunt van inefficiëntie en bemoeizucht voor de ander. Op geen onderwerp wordt de laatste tijd zo heftig gereageerd als de EU, met name in het licht van de huidige economische crisis. Iedereen heeft er een mening over, al dan niet gehinderd door enige kennis van zaken.

De EU, meer dan alleen economie:
De EU is echter meer dan alleen een economische unie. Het levert ook vrij verkeer van personen op en in het verlengde daarvan een Europees burgerschap, in aanvulling op het nationale staatsburgerschap. Dit is expliciet bepaald in het Verdrag van Amsterdam.

Een persoon met een nationaliteit van een land van de Europese Unie noemen we een Unieburger. Het hebben van een Unieburgerschap brengt bepaalde diplomatieke voordelen en rechten met zich mee. Onder deze recht bevindt zicht het recht om je vrij te verplaatsen en te vestigen binnen de Europese Unie. Dit recht kan in beginsel niet beperkt worden anders dan op zwaarwegende gronden van openbare orde en veiligheid. Het HvJEU heeft hier een belangrijke uitspraak over gedaan.

De feiten:
Een Italiaan is al sinds 1987 woonachtig in Duitsland. Hij heeft daar geen familie, geen kinderen en verrichte daar slechts incidenteel arbeid. In 2006 is hij veroordeeld door het Landgericht Keulen (regionale rechtbank) tot 7 jaar en 6 maanden cel in verband met een zedendelict tegen een 8-jarige. Hij zit momenteel in de gevangenis en wordt verwacht zijn straf naar Duits recht te hebben uitgezeten juli 2013.

Bij besluit van 6 mei 2008 is de Duitse autoriteiten vastgesteld dat de man het recht van toegang en verblijf verloor onder Duits recht. Dit om redenen die verband hielden met in het bijzonder de ernst van de gepleegde feiten en het hoge risico van recidive. De man werd vervolgens verplicht Duitsland te verlaten (op het moment dat hij zijn straf heeft uitgezeten). De man heeft hiertegen beroep aangetekend en nu verzoekt het Oberverwaltungsgericht für das Land Nordrhein-Westfalen (een hogere bestuursrechter) om uitleg van de gronden openbare orde en veiligheid in de context van dit geval.

Uitspraak van het HvJEU :
Het hof stelt vast dat het niet alleen moet gaan om een bedreiging voor de openbare orde en veiligheid maar dat het ook moet gaan om een zwaarwegende dreiging. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn als het gaat om drugshandel zoals in de Tsoukaradis zaak het geval was.

De lidstaten houden in essentie de vrijheid om de eisen van de openbare veiligheid vast te stellen in overeenstemming met hun nationale behoeften, dit kan variëren per tijdvak en per lidstaat. Het gaat dan in het bijzonder om een rechtvaardiging voor het beperken van het vrij verkeer van personen. Wel moeten de eisen strikt worden uitgelegd, zodat hun inhoud niet eenzijdig kan worden bepaald door elke lidstaat zonder controle van de EU. Als dat het geval zou zijn dan zou het verdrag namelijk een lege huls zijn.

De bepalingen zoals neergelegd in art. 83 van het Verdrag kunnen vallen onder het begrip een ernstige bedreiging van het fundamentele belang van de samenleving. Hierin staat onder meer expliciet zedenmisdrijven jegens kinderen genoemd.

Dergelijke misdrijven kunnen alleen dan een uitzetting rechtvaardigen als de wijze waarop zij werden gepleegd bijzonder ernstig is. Het is aan de nationale rechter om dit te beoordelen. Voor het opleggen van een uitzettingsmaatregel is onder Europese regelgeving de eis dat het persoonlijke gedrag van de betrokkene moeten leiden tot een actuele, werkelijke bedreiging
een van de fundamentele belangen van de samenleving of van de lidstaat van ontvangst. Dit betekent in het algemeen dat er een aanzienlijk recidivegevaar moet zijn.

Waar tussen het opleggen van de maatregel en de daadwerkelijke tenuitvoerlegging ervan meer dan twee jaar zit, moet opnieuw worden getoetst of betrokkene nog aan alle vereisten voor het opleggen van de maatregel voldoet.

Ook moet voor het opleggen van de maatregel rekening worden gehouden met de band die een betrokkene heeft met de ontvangende staat. Het hierbij dan om aspecten als sociale en culturele integratie, sociaaleconomische status, leeftijd, gezondheid, familiebanden etc.

Conclusie:
Gezien de richtlijnen die hier worden neergelegd en de verdragsbepaling die wordt aangehaald, is het zo goed als zeker dat de man terug naar Italië wordt uitgezet. Het enige wat hij heeft is een vrij lange verblijfsduur en wellicht enige mate van sociale integratie. Hij was slechts incidenteel werkzaam, heeft er geen vermogen opgebouwd en heeft ook geen familie. Zoals genoegzaam bekend is bij zedenmisdrijven het recidiverisico aanzienlijk en dit was ook nog eens een bijzonder ernstige variant met geweld en verkrachting jegens een 8-jarige.

Vrij verkeer van personen en Unieburgerschap zijn een goede uitvinding die veel voordelen biedt, maar er zijn grenzen. Als iemand een aanzienlijke bedreiging vormt voor de openbare orde en veiligheid hoeft hij in het ontvangende land niet getolereerd te worden.

Bron:
HvJEU 22 mei 2012, C-348/09, Stadt Remscheid

Sinds enige jaren kennen we in Nederland de mogelijkheid tot het sluiten van een echtscheidingsconvenant. Dit is eigenlijk niets meer of minder dan een schriftelijke verzameling van afspraken tussen echtelieden die gaan scheiden over bijvoorbeeld verdeling van de boedel, woning en en pensioen. In het echtscheidingsconvenant kunnen ook afspraken worden gemaakt omtrent alimentatieduur en hoogte ervan. Over dit laatste heeft het hof Leeuwarden een belangrijke uitspraak gedaan.

De feiten:
Partijen hebben een echtscheidingsconvenant gesloten waarin afspraken waren gemaakt omtrent de duur en hoogte van partneralimentatie. De vrouw zou gedurende twee jaren een bedrag van de man krijgen. Er werd afgeweken van de wettelijke termijn van 12 jaar omdat verwacht werd dat de vrouw na 2 jaar in haar eigen onderhoud zou kunnen voorzien. In het echtscheidingsconvenant was ook opgenomen dat bij gewijzigde omstandigheden, partijen opnieuw om de tafel zouden gaan zitten. Na twee jaar bleek deze verwachting niet haalbaar te zijn. De vrouw stapte vervolgens naar de rechter met het verzoek de termijn van alimentatie vast te stellen op de wettelijke termijn. Dit op basis van gewijzigde omstandigheden en het feit dat ze niet wist dat ze recht had op 12 jaar alimentatie.

De rechtbank besliste dat een inkorting naar twee jaar een dusdanig grote afwijking was dat er sprake was van grove miskenning van wettelijke maatstaven. Tevens waren er gewijzigde omstandigheden omdat de vrouw nog geen baan had weten te verwerven. De man verkreeg bij de rechtbank dus niet het gewenste resultaat en hoger beroep werd ingesteld.

Standpunten partijen:
De man betwistte bij het hof dat er sprake was gewijzigde omstandigheden en dat er duidelijk was afgesproken dat alimentatieduur maar twee jaar zou bedragen. De vrouw zou het aan zichzelf te wijten hebben dat ze nog geen baan had. Daarbij had zij beschikking over een aanzienlijk vermogen, wat ruimschoots voldoende was om rond te komen.

De vrouw betwist niet dat de duur van de alimentatie een veelvuldig besproken onderwerp is geweest tijdens het opstellen van het convenant. Zij stelt echter altijd in de veronderstelling verkeerd te hebben dat het convenant met betrekking tot de hoogte en duur van de onderhoudsplicht gewijzigd kan worden. Ook merkt ze op dat ze geen weet had van de wettelijke termijn van 12 jaar. De vrouw is van mening dat het niet ter zake doet of zij al dan niet had kunnen weten dat het moeilijk zou zijn om werk te vinden. Waar het om gaat is dat partijen samen hebben bepaald dat zij de verwachting hadden dat de vrouw binnen twee jaar een betaalde baan zou vinden waarmee zij zichzelf volledig zou kunnen onderhouden. Die verwachting was het uitgangspunt bij de afspraken die zijn vastgesteld in het convenant. Ook is volgens de vrouw tussen partijen nooit besproken dat zij zou moeten gaan interen op haar vermogen.

Oordeel hof:
Het hof hanteert een andere aanpak dan de rechtbank deed. Daar een echtscheidingsconvenant in feite gewoon een overeenkomst is tussen partijen gaat het hof de Haviltex norm toepassen. Het komt dan aan op de zin die partijen in de gegeven omstandigheden over en weer redelijkerwijs aan de in de afspraken neergelegde bepalingen mochten toekennen en op wat zij te dien aanzien redelijkerwijs van elkaar mochten verwachten.

Het hof begrijpt uit de bewoordingen van het convenant en de daarop door partijen gegeven toelichting in hoger beroep dat beiden verwachtten dat de slechtere financiële situatie van de vrouw tijdelijk zou zijn. Partijen verwachtten dat de vrouw na twee jaar in staat om in haar eigen onderhoud te voorzien. Voor wat betreft de vraag of het convenant de mogelijkheid biedt om de overeengekomen duur van de alimentatie te wijzigen in het geval dat voornoemde verwachting niet uitkomt, acht het hof de uitleg van de vrouw het meest aannemelijk. Uit het convenant blijkt evenmin dat er sprake zou zijn van het feit dat de vrouw zou moeten interen op haar vermogen in het geval dat zij niet in staat zou zijn een baan te verwerven.

Dan is er nog sprake van de vraag of er daadwerkelijk gewijzigde omstandigheden zijn. Mede gezien de sterke afwijking van de wettelijke termijn en het feit dat zij nog geen baan heeft kunnen vinden, moet deze vraag bevestigend worden beantwoord. Overigens kan de vrouw geen verwijt worden gemaakt voor het feit dat zij nog geen baan heeft gevonden.

Uiteindelijk stelt het Hof de alimentatie opnieuw vast en wel voor de duur van de wettelijke termijn.

Conclusie:
Een echtscheidingsconvenant is feitelijk niets meer dan een overeenkomst tussen partijen waarin details omtrent echtscheiding worden geregeld. Het is dan ook niet onlogisch dat het Hof hier Haviltex op toepast voor de interpretatie van de bepalingen van het convenant. De vraag is natuurlijk wel of dit fair is tegenover de man. Hij dacht een behoorlijk dichtgetimmerde overeenkomst te hebben en over de vraag of hier sprake is van ‘sterk gewijzigde omstandigheden’ kan behoorlijk gedebatteerd worden.

Dit zou een fantastische zaak zijn om naar de Hoge Raad te sturen omdat het mooi zou zijn om te weten of en in hoeverre Haviltex heeft te gelden voor echtscheidingsconvenanten. Het is een overeenkomst van andere aard dan bijvoorbeeld koop of huur.

Hoe het ook zij, in het licht van deze uitspraak moet vooralsnog worden vastgesteld dat de rechter achteraf afspraken over alimentatie op verzoek van een van partijen achteraf wijzigen. Het gevolg hiervan is dat vastgelegde afspraken weinig garantie bieden.

Alimentatie is altijd een heikel onderwerp en de huidige regeling ligt al enige tijd onder vuur. Met deze uitspraak ligt er weer nieuw materiaal om over te debatteren.

Bron:
LJN: BW4843, Gerechtshof Leeuwarden

Algemene trends:
Ook bij de herenmode is contrast dit jaar helemaal in. Het verschil met damesschoenen is dat de herenmode meer focust op kleurcontrast en minder op materiaalcontrast. De herenmode kent dit jaar veel invloeden uit de sportwereld en dat maakt het geheel zo mogelijk opvallende dan damesschoenen. De neongeel en fluororanje maken hun opwachting naast felblauw en knalrood. Deze kleurstellingen zijn met name populair op sneakers. Overigens zijn ook spierwitte sneakers nog steeds populair op de catwalk maar dan uitsluitend onder een witte broek.

Qua model is het dit jaar niet hoog, of laag wat de klok slaat. Beide modelvarianten kunnen en dat is lekker varieren.

Leren sandalen zijn dit jaar ook populair en die populariteit gaat ten koste van de teenslipper. Ze kunnen zowel onder een zwembroek worden gedragen als onder een lichte zomerbroek. Er lijkt een voorkeur te zijn voor het type van hoe meer banden hoe beter. Overdoe het echter niet, teveel banden en je kunt immers net zo goed een paar schoenen aantrekken. Vanzelfsprekend zijn sokken uit den boze.

Een ietwat stijlvoller en toch casual alternatief voor de leren sandaal kan een mocassin zijn, deze zijn ook zacht en lopen soepel. Kleurstellingen zijn over het algemeen subtiel en zacht. Ze zijn fantastisch in combinatie met lange zomerbroeken, onder korte broeken en zwembroeken is het geen gezicht. In dat opzicht zijn ze minder breed inzetbaar dan sandalen. In een professionele werkomgeving kan dit overigens net wat te casual zijn. Ook hier geldt, sokken uit den boze.

Suggesties:

Adidas is nooit zo’n bekend merk voor sneakers, eerder voor sportkleding, maar ze hebben een aantal modellen die echt het overwegen waard. Kijk eens naar de fantastische LA trainer welke met een rood-wit-blauwe kleurstelling je oogballen tegemoet schroeit. De bovenschoen is deels leer en deels mesh wat er voor zorgt dat hij stevig en toch zeer ademend is.

Een andere hofleverancier van klassiekers is Nike. De revamp van de Braata is de moeite van het overwegen waard. Zowel leverbaar in een hoog als in een laag model met uitvoeringen in canvas en uitvoeringen in leer. Hieronder de lage variant in hemelsblauw.

Voor wat betreft mocassins geldt dat er met name nadruk ligt op lichte en natuurtinten. Modellen van canvas hebben de neiging om snel vorm te verliezen en mottig te worden dus laat die links liggen. Mocassins zijn te herkennen aan het feit dat de zijkanten en onderkant uit één stuk bestaan en dat vervolgens de bovenkant er aan is vastgenaaid. Dit zorgt voor het karakteristieke ribbelpatroon langs de bovenkant. Zolen worden tegenwoordig vaak wel los eronder gezet omdat we steviger zoolmaterialen hebben dan destijds beschikbaar waren. De bovenkant bestaat echter nog altijd uit twee delen. Laat je dus niets wijsmaken door een handige verkoper dat iedere instapper een mocassin is. Kijk voor inspiratie eens naar dit klassieke model van Hermès. Onbetaalbaar allicht maar een goed referentiepunt, Zalando.nl heeft wel een uitgebreide selectie die er top uitziet en betaalbaar is.

Voor wat betreft leren sandalen is er ruimschoots keus. Zorg voor een goed voetbed wat lekker loopt en dat het niet teveel banden zijn ondanks de modevoorkeur voor meer is beter. Een aantal stevige en stoere modellen kunnen worden gevonden in de collectie van Panama Jack.

Ook het outdoormerk Teva heeft een collectie van sandalen die uitstekend casual gedragen kunnen worden zonder dat je er meteen als een outdoorsman uitziet. Bijkomend voordeel is dat het voetbed van Teva altijd top notch is.

Toch liever een sandaal met een band om de enkel? Mijn vaste antwoord is dan altijd om bij Clarks te gaan kijken. Een gevierd schoenenmerk wat al vele generaties aan schoeisel heeft geholpen. Clarks heeft ook veel modellen die geschikt zijn voor mensen met brede voeten of een hoge wreef. Zie onderstaande Weymouth Free voor een typische Clarks sandaal. Clarks maakt trouwens ook prima mocassins.

De zomer voor 2012 gaat hopelijk echt lekker worden. Hoe je het ook wendt of keert, dit jaar is er een hele stapel lekkere schoenen om uit te kiezen en qua kleur mag (bijna) alles. Comfortabele mocassins of fantastische leren sandalen, kies wat je leuk vindt en wat je lekker zit.