Aan het einde van het artikel Shortguide dresscodes riep ik mensen op om nieuw opgedoken dresscodes waar je geen flauw idee hebt van wat ze inhouden aan mij te melden. Nou dat heb ik geweten, een eindeloze stroom van vage dresscodes kwam en komt nog steeds deze kant op.

Veel dresscodes worden slechts één of twee keer vermeld en zijn derhalve niet direct de moeite waard om apart te vermelden. De held die de vraag opstuurde welke dresscode hoorde bij adamskostuum krijgt overigens bij deze wel een eervolle vermelding.

Wat de laatste tijd echter wel structureel opduikt op uitnodigingen is de dresscode iconoclastisch chique. Kennelijk is het gewoon tenue de ville met een opvallende persoonlijke twist. Anyways, het artikel “Shortguide dresscodes” is bijgewerkt dus ga vooral daar kijken voor een uitgebreider beschrijving van iconoclastisch chique of om nog eventjes te spieken wat al die andere gekke dresscodes ook al weer waren.

Als je in de trein zit en langs Hoofddorp rijdt dan zie je in een groot grijs industrieel ontworpen gebouw Scotch & Soda Amsterdam Couture gehuisvest. Hier zit het zenuwcentrum van een groot modemerk met oer-Nederlandse wortels.

Geschiedenis:
Scotch & Soda bestaat al sinds de jaren ’80 en heeft haar wortels in Amsterdam maar de huidige vorm van het label is gestart in 2001 toen drie nieuwe eigenaren hun ervaring bundelden. In de lente van 2002 volgde re-launch van Scotch & Soda met een collectie voor mannen. De ideeën van Scotch sloegen aan en enkele seizoenen later werd het label uitgebreid met een jongenslijn. Niet veel later volgden dames en meisjescollecties. Inmiddels heeft Scotch & Soda wereldwijd 50 eigen winkels en is het vindbaar bij ruim 7000 andere points-of-sale.

Collectie:
Scotch & Soda maakt moderne kleding met een klassieke twist. Er is veel oog voor detail en goede kwaliteit terwijl de kleding relatief betaalbaar blijft. De indeling van de kledinglijnen van Scotch is bijzonder overzichtelijk zoals je het zou verwachten van een merk wat gestoeld is op Hollandse nuchterheid. De Scotch & Soda collectie is de lijn waar het allemaal mee begon en is uitsluitend voor mannen. Met SS08 collectie werd Scotch Shrunk toegevoegd wat specifiek voor jongens is. Scotch Shrunk was vrij revolutionair in het opzicht dat kleding in de stijl voor volwassen mannen werd ‘gekrompen’ zodat deze geschikt was voor jongens. Het was tot dan toe gebruikelijk om voor kindercollecties andere stijlkeuzes te maken dan voor volwassenen. Het is een idee dat ook door andere labels overgenomen is en wat mij betreft nog altijd één van de grootste verdiensten en bijdragen van Scotch om de kijk op kleding te veranderen.

Toen SS10 aanbrak werd Maison Scotch voor vrouwen aan de line-up toegevoegd. Deze gaat uit van dezelfde designfilosofie als de Scotch&Soda collectie en is bijzonder succesvol gebleken. Momenteel is het één van de drijvende krachten achter de nog immer voortdurende groei van het label. Met R’Belle voor meisjes wat in SS11 werd gelanceerd is het gehele modepalet compleet.

Tot slot heeft Scotch ook nog een capsulecollectie van denim welke Amsterdams Blauw heet. Deze lijn omvat voor mannen, jongens, vrouwen en meisjes diverse items van denim. Het unieke aan deze collectie is dat er helemaal geen ‘heritage’ aspecten aan vast zitten zoals bij veel andere merken wel het geval is. Hoewel de styling soms wel retro-elementen bevat is het geen definiërende factor, Scotch zoek veel eerder denim als kleding te herdefiniëren en de grenzen te verleggen.

De vier grote collecties van Scotch hebben juist wel allen een zeer duidelijke vintage inspiratie die wordt aangevuld met verschillende stijlelementen van over de hele wereld. Er wordt veel tijd, moeite en geld gestoken in het ontwerpen van elke nieuwe collectie en dat is ook echt zichtbaar. De kwaliteit van de kleding is altijd goed met stevige stof en een goede afwerking. Toch liggen de kosten voor de kwaliteit relatief laag en is het zeker in de aanbieding goed kopen. De prijzen lopen ongeveer gelijk op met merken zoals Levi’s en PME Legend terwijl ze qua kwaliteit en design met gemak kunnen concurreren Hugo Boss, Replay en Ralph Lauren. Dat maakt kleding van Scotch heel interessant als ‘investeringsstukken’ voor in de garderobe. De collecties zou ik over het algemeen minder aanraden voor degenen die neigen naar een meer fashion-forward aanpak. Dan liggen labels als G-star en Kuyichi je waarschijnlijk beter.

Verkrijgbaarheid in Nederland:
Scotch & Soda is een van origine Nederlands label en in Nederland dan ook ruim verkrijgbaar. Op de site is een webshop aanwezig en je kunt ook zoeken op winkels bij je in de buurt die de kleding verkopen.

Site:
Scotch & Soda

Over de meest voorkomende en belangrijkste dresscodes heb ik al uitgebreid geschreven maar er duiken steeds meer uitnodigingen op met vaag omschreven dresscodes als ‘smart casual’. Wat moet je daar dan mee doen? Bij deze een lijstje van alle dresscodes die ik ooit ben tegengekomen op uitnodigingen en een korte samenvatting van wat het ongeveer inhoudt. Wees gewaarschuwd dat veel van deze nieuwerwets geformuleerde vreselijk vaag zijn en aan veranderende interpretatie onderhevig. Ik geef hier aan wat ik denk dat acceptabel is en wat ongeveer op dezelfde lijn zit als veel bladen schrijven. Vraag bij twijfel altijd aan de gastheer om nadere instructies.

White tie:
White tie is de meest formele dresscode en betekent dat heren een rokkostuum moeten dragen en vrouwen een galajurk.

White tie optional:
De gastheer zal gekleed zijn white tie en het wordt op prijs gesteld als je zelf ook in white tie verschijnt. Het is echter niet verplicht om white tie te dragen. Als je er voor kiest om geen white tie te dragen dan kun je het beste voor black tie kiezen.

Black tie:
Heren dragen een smoking dames een nette jurk tot over de knie of eventueel een heel chique cocktailjurk.

Black tie optional:
De gastheer zal black tie dragen en wordt op prijs gesteld als je zelf ook in black tie verschijnt. Het is echter niet verplicht om black tie te dragen. De heren kunnen kiezen voor een zwart of navyblauw pak met een wit overhemd en donker gekleurde das. Een heel donkere kleur grijs, op het antraciet af, is ook mogelijk. Draag onder geen beding een bruin gekleurd gekleurd pak, dat neigt teveel naar tenue de ville. Dames kunnen kiezen voor een cocktailjurk, LBD of aanverwant.

Tenue de ville/business formal:
Bij tenue de ville kiezen heren voor een pak. Traditioneel grijze pantalon en blauwe blazer tegenwoordig navyblauw, grijs, zwart of bruin. Dames kiezen een mantelpak met rok of broek of een nette jurk. Business formal is een weinig strak gedefinieerde term maar komt ruwweg overeen met tenue de ville. Naar Amerikaanse begrippen is het bij business formal verplicht om een stropdas te dragen.

Smart casual/business casual:
Smart casual en business casual is een term die voortvloeit uit de invoering van casual friday in omgevingen waar normaliter tenue de ville gebruikelijk is. Het is echter ook een term die in ieder bedrijf weer anders ingevuld wordt. Een standaard veilige invulling voor heren is pantalon en een overhemd eventueel met een trui of blazer. Net iets minder formeel maar ook vaak nog acceptabel zijn chino’s als bijvoorbeeld Dockers ze maakt en polo-shirts. Voor dames is de standaard veilige optie een rok/pantalon en blouse of jurkje. Er zijn ook steeds meer bedrijven die jeans onder smart casual rekenen hoewel dit lang niet overal geldt. Denk bij smart casual aan kledingcombinaties die onder tenue de ville niet acceptabel zouden zijn maar wel comfortabel en netjes zijn. Bij twijfel is het altijd handig om het eerst eventjes te checken.

New York Casual:
Nog zo’n dresscode welke echt ongelooflijk vaag is. Het is gebaseerd op het idee dat New York een soort vierentwintiguurs economie heeft en dat iedereen ongelooflijk bezig is en nooit tijd heeft om zich om te kleden dus je moet kleding hebben die zowel op je werk als in de bar er echt geweldig hip uitziet. De vaagheid gecombineerd met het casual laat veel ruimte om je eigen interpretatie te geven. Vaak worden zeer donkerblauwe of zwarte jeans als basis gekozen en gecombineerd met overhemden en blazers voor de heren en blouses voor de dames al dan niet vergezeld van items als een hip leren jasje. Enkele bladen schrijven dat het doel vooral is om op een nonchalante manier te laten zien dat je veel geld hebt en daarom designer labels moet dragen. Hoewel dat in sommige kringen wellicht inderdaad de bedoeling is, heb ik dat nooit zo erg ervaren of gezien op dergelijke feestjes.

Casual:
In de categorie is vrijwel alles toegestaan zolang het maar geen pyjama is en schoon is. Shorts, T-shirts, jeans leef je uit.

Feestelijke kleding:
De laatste dresscode die ik met name de afgelopen twee jaar vaak tegenkom is feestelijke kleding. Ik krijg vaak het gevoel dat dit op een uitnodiging wordt gezet als het gaat om gelegenheden waar je vaak black tie voor zou hanteren maar waar men de gasten om wat voor reden dan ook vrijer wil laten. Het draait hier allemaal om wat voor evenement je kunt verwachten. Als je ongeveer weet wat de andere gasten zullen aantrekken dan is het handig om daar op af te stemmen. Voor een diner met een niet al te groot gezelschap bij een chique etablissement is black tie waarschijnlijk een goede keuze. Als het een bedrijfsfeest betreft dan kun je beter kiezen voor iets op het niveau van tenue de ville en voor het kinderfeestje van je buurjongen kun je prima jeans aantrekken.

Update: Iconoclastisch chique:
De publieke opinie blijkt onuitputtelijk creatief wanneer het aankomt op het verzinnen van waanzinnige nieuwe dresscodes. Zelden was een dresscode zo ambigu als iconoclastisch chique. Onder een iconoclast wordt immers gewoonlijk iemand begrepen die geen kunst of cultuur kan waarderen, een beeldenstormer of primitieveling zo je wilt. Is iconoclastisch chique derhalve eigenlijk het tegenovergestelde van chique zijnde casual of toch nog weer wat anders. Naar ik mij heb laten uitleggen door verscheidene bronnen moet iconoclastisch chique worden gezien als chique met een vrolijk accent. Te denken valt dan naar ik aanneem aan een waanzinnig gekleurde boutonniere of een paar felgekleurde sokken in een tint die nog altijd als discutabel geldt. Slotsom is dus dat iconoclastisch chique waarschijnlijk nog het meest gemeen heeft met de moderne variant van tenue de ville zij het dat je iets volstrekt vreemds kunt doen en zeggen dat het betreffende element iconoclastisch is.

Tot besluit:
Hiermee zijn alle dresscodes behandeld welke ik geregeld tegenkom. Mocht je nog meer vage dresscodes op uitnodigingen zien dan verneem ik het graag. Ondertussen kun je de meeste dilemma’s die je mogelijk hebt met dresscodes ook oplossen met gezond verstand. Ouderwetse kreten als dat het beter is om overdressed dan underdressed te zijn gaan nog altijd op.

Deze week het derde en laatste deel over denim. Deze week gaat geheel over de terminologie van jeans. Mocht je volgende keer in de winkel staan en je krijgt veel vragen van de verkoper over de cinch of de rise dan is het prettig om te weten waar ze over praten zodat je naar huis gaat met een paar perfecte jeans.

Terminologie:

  • Branding patch/merkpatch: Gewoonlijk vindbaar aan de rechter-achterzijde van de tailleband en gebruikt om het logo van het merk en de informatie zoals grootte, chargenummer en de stijl van de jeans identificeren. Meestal gemaakt van leer, olie doek of kunstleer. Sommige zijn zo ontworpen dat een riem onderlangs kan passeren waardoor het fungeert als een riemlus.
  • Suspender buttons/bretelknopen: Knopen aan de jeans die gewoonlijk werden om bretels aan vast te zetten vóór de popularisering van de riem. Ze werden vaak gebruikt in de late jaren dertig. Heden is het vaak een vorm van detaillering bij “erfgoed”-collecties of vintage reproducties.
  • Cinch/martingaal: een lussysteem met een clip aan de achterkant van de jeans, waardoor de drager de tailleband strakker kan zetten zodat de broek niet afzakt. In belang afgenomen toen Levi’s riemlussen toevoegde aan de 501 stijl in 1922. Net als bretelknoppen nu nog slechts een vorm van detaillering.
  • Rivet/klinknagel: Productiemethode uitgevonden door kleermaker Jacob Davis; deze worden gebruikt om drukpunten zoals de hoeken van broekzakken te versterken en uitscheuren tegen te gaan. Klinknagels worden vandaag nog steeds gebruikt als een middel ter versterking van denim, maar nieuwe alternatieve methoden zijn ontwikkeld met behulp naaitechnieken waardoor het belang van klinknagels afneemt.
  • Yoke: Ook bekend als de riser. Vindbaar op het achterste deel van de zetel van een jean. Het yoke kan meestal worden geïdentificeerd door de V-vorm. Een yoke is bepalend voor de overgang van tailleband naar zitvlak en dus van grote invloed op de pasvorm van jeans. Cowboys droegen meest jeans met een langer yoke omdat zij langdurig op een paard moesten kunnen zitten.
  • Seating/zitvlak: Het achterste gedeelte van de jeans, omvat de achterzijde met zakken net onder het yoke.
  • Arcuate stitching/boogstiksels: De decoratieve stiksels op de achterzijden welke gewoonlijk een boogvormig patroon hebben en dienen om het merk te identificeren. Niet alle stiksels zijn nog boogvormig; zo stikt Wrangler een W op de achterzak.
  • Coin pocket/muntenzakje: Het kleine zakje aan de voorzijde dat verzonken ligt in de rechterzak. Diende om horloges in op te bergen en werd later veelvuldig gebruikt voor wisselgeld.
  • Belt loop/riemlus: lusjes om een riem door te steken zodat de breedte van de broek kan worden aangepast aan het lichaam.
  • Bartack stitching/ trens stiksels: Een alternatieve methode om drukpunten in het weefsel te versterken zonder klinknagels te hoeven gebruiken.
  • Boot cut: Een model broekspijpen wat onder de knie ietwat uitloopt zodat ze gemakkelijk over laarzen passen. Bij voorkeur alleen te dragen wanneer je daadwerkelijk laarzen draagt.
  • Straight cut: Het standaardmodel broekspijpen wat onder de knie vrijwel loodrecht naar beneden loopt.
  • Wassing: De kleurtint van een paar jeans. Een donkere wassing wordt verkregen door meer kleurstof te gebruiken bij het produceren van de stof. Een lichtere wassing wordt verkregen door minder kleurstof te gebruiken.
  • Rise: Geeft aan hoe hoog de jeans in het middel eindigen. De rise is de afstand van de bovenkant van de broeksband tot de onderzijde van de gulp.
  • Enzymen wassing: de meest milieuvriendelijke methode om jeans te distressen. Met organische eiwitten wordt het proces versneld. De afgewerkte jeans zijn over het algemeen sterker dan vergelijkbare wassingen met puimsteen of chemische distressingmethodes.

Tot besluit:
Dit was het derde en laatste deel van de artikelen specifiek over denim. Als je alles hebt gelezen dan kun je met iedere jeansafficionado debatteren over wat de ultieme jeans is en waarom. Ik ben blij met de positieve reacties die volgden op de afgelopen twee artikelen. Volgende weken krijgen we weer andere leuke thema’s zoals mode-accessoires voor de winter. Mochten er nog toevoegingen aan de terminologielijst zijn, laat het me dan eventjes weten in de mailtje via de contactpagina.

Voorgaande week zijn jullie eindeloos doorgezaagd over de stof die we heden ten dage denim noemen. Er is echter nauwelijks aandacht besteed aan het iconische kledingstuk dat bijna met het begrip denim vereenzelvigd wordt. Ik heb het dan natuurlijk over de blue jeans ofwel spijkerbroek. Deze post zal geheel in het teken staan van dit meesterlijke kledingstuk waarvan waarschijnlijk iedereen minsten twee exemplaren in de kast heeft liggen.

De geschiedenis:
In 1829 werd in Beieren een jongen geboren die de naam Loeb Strauss meekreeg. Zoals velen deden trok hij naar de Verenigde Staten in gezelschap van familie. In New-York woonden reeds enkele half-broers die daar al een bestaan hadden opgebouwd met een zogeheten ‘dry-goods’ store. De jonge Loeb Strauss werkte enkele jaren voor zijn half-broers en uiteindelijk kreeg hij in 1853 zijn Amerikaans staatsburgerschap. Ergens rond deze tijd besloot hij ook zijn naam te veranderen van Loeb naar Levi.

Nog hetzelfde jaar vertrok Levi naar Californië waar de goudkoorts volop had toegeslagen. Op enig moment is Levi in Californië ook begonnen met een dry goods handel. Het is niet geheel duidelijk of dit was omdat het hem de beste methode leek om geld te verdienen aan goudzoekers of dat hij een vestiging namens zijn half-broers aan de westkust opende. Dit was in ieder geval het begin van het beroemde Levi Strauss en Co. dat vandaag nog steeds bestaat.

Het is niet precies bekend hoe Levi Strauss er in slaagde om van zijn bedrijf een succes te maken. Over de eerste jaren van het bedrijf bestaat veel onduidelijkheid omdat bij de grote aardbeving en brand van San Francisco in 1906 veel van het bedrijfsarchief verloren is gegaan.

Enkele tientallen jaren ging het verhaal als volgt: Levi Strauss arriveerde in San Francisco en merkte dat goudzoekers behoefte hadden aan sterke, stevige broeken die een stootje konden hebben. Uit zijn voorraad nam hij bruin canvas en sneed er broeken van die zeer populair werden bij de mijnwerkers. Later verfde hij de stof blauw en stapte hij over naar denim dat hij uit Nîmes importeerde. Hij kreeg het idee van het toevoegen metalen klinknagels aan de broek van een kleermaker in Reno, Nevada, en patenteerde dit proces in 1873 wat het beginpunt was van de bekende blue jeans met klinknagels op de hoeken van de zakken. Dit is echter weinig meer dan een mooie mythe.

Levi heeft simpelweg twee decennia heel hard gewerkt om van zijn bedrijf een succes te maken. Dat lukte en hij stond bekend als een groothandelaar die goed materiaal leverde. In 1872 kreeg hij een brief van kleermaker Jacob Davis, die geklonken kleding maakte voor de mijnwerkers in de omgeving van Reno. Voor die kleding had hij doek van Levi Strauss & Co gekocht. Davis zette klinknagels op zwakke plekken in de de kleding zoals de aanhechtingspunten van broekzakken om de kleding te verstevigen en uitscheuren tegen te gaan. Davis had een zakenpartner om hem te helpen een patent te verkrijgen en om de nieuwe geklonken werkkleding op grote schaal te vervaardigen. Strauss was een slimme zakenman die wel brood zag in het voorstel. In 1873 kregen Levi Strauss & CO en Davis een octrooi voor een “Improvement in Fastening Pocket-Openings”.

De eerste exemplaren werden gedeeltelijk gemaakt van bruine canvas en gedeeltelijk van blauw denim. Hier komt waarschijnlijk het verhaal vandaan dat het canvas blauw werd geverfd en dat later denim werd gekocht uit Nîmes. Het is veel waarschijnlijker dat denim werd gekozen omdat LS & CO werkkleding produceerde en denim zich al ruim had bewezen als een sterke stof die uitermate geschikt was voor dergelijke doeleinden. Geschikte denim werd in de V.S. al ruim geproduceerd. De Amoskeag Manufacturing Company in Manchester, New Hampshire behoorde tot de leveranciers van het eerste uur. Later kwam daar het bekende Cone Mills bij. In 1915 werd het merendeel van alle denim van hun betrokken en in 1922 was Cone Mills de enige leverancier. Inmiddels betrekt Levi’s ook denim van andere leveranciers maar de premium selvage denim wordt nog steeds door Cone Mills geleverd.

Levi Strauss zelf overleed in 1902 en liet zijn bedrijf na aan zijn vier neven die het bedrijf opnieuw hebben opgebouwd na de ramp in 1906. In de jaren ’20 was Levi’s met afstand de grootste producent van werkkleding in de Verenigde Staten. In de jaren ’30 veroverden westerns en het Wilde Westen in het algemeen de Amerikaanse verbeelding. Authentieke cowboys die Levi’s jeans
droegen werden verheven tot mythische status jeans werden synoniem voor een leven van onafhankelijkheid en ruige individualisme. Denim werd minder vaak geassocieerd met de arbeiders in het algemeen en meer als de kleding van de authentieke Amerikaan zoals vereeuwigd door sterren als John Wayne en Gary Cooper. De jeans als symbool waren geboren en Levi’s speelde hier slim op in met advertentiecampagnes. De rage van jeans verspreidde zich eerst over de V.S. en vervolgens over de rest van de wereld.

Levi’s 501:
Levi’s jeans worden onderscheidden aan hun nummer en 501 zijn de eerste, echte, enige, originele jeans als we marketing mogen geloven. Zonder meer is 501 het meest en langst geproduceerde jeansmodel alsook het meest gekopieerde model. Toch is het model 501 wat nu verkocht niet hetzelfde als wat model als wat een goede 140 jaar geleden werd verhandeld. De klinknagel aan de onderzijde van het kruis en de cinch ter hoogte van het middel (het riempje aan de achterzijde om de broek in het middel strak te trekken) werden verwijderd gedurende de Tweede Wereldoorlog om te voldoen aan de eisen van het War Production Board om metaal te besparen. Deze keerden niet terug toen de oorlog afgelopen was. De klinknagels aan de achterzak werden bedekt met denim in 1937 na aanhoudende klachten dat ze meubilair kapot krasten. In 1950 werden de klinknagels bij de achterzak geheel verwijderd toen er een steekmethode werd gevonden die even duurzaam was waardoor de klinknagels geheel overbodig werden. Wat wel bleef zijn de vormen van de 501. Iedere incarnatie heeft een hoge taille, rechte pijpen en grote achterzakken.

In de jaren ’80 werd de 501 een begrip mede dankzij de destijds zeer opvallende reclamecampagne met toenmalig tieneridool Nick Kamen die op de tonen van Marvin Gaye’s I heard it through the grapevine een wasserette binnenliep en spontaan zijn 501’s uittrok om ze een wasbeurt te geven.

Halverwege de jaren ’90 verloor Levi’s veel terrein aan opkomende merken als Diesel die aandacht trokken met opvallende campagne’s en nieuwe modellen. Levi’s werd van een absolute marktleider een sleeping giant en de 501 dreigde in de vergetelheid te belanden. Trends zoals de verfspatten op jeans en skinny jeans werden volledig genegeerd. Zo mogelijk nog opvallender was dat de nieuwkomers enorm hun best deden om hun authenticiteit te benadrukken terwijl dat iets was wat Levi’s juist had. Ze vergaten alleen compleet om daar gebruik van te maken.

Inmiddels is Levi’s bezig aan een revival. De creatieve top staat sinds kort onder leiding van James Curleigh en er wordt flink aan de weg getimmerd. Recentelijk is de eerste non-denim collectie van 501 gelanceerd die gemaakt is van stevig gekleurd katoen. Er wordt ook zwaar ingezet op social media waarbij mensen worden uitgenodigd om Twitter en Instagram foto’s met hun favoriete 501 te uploaden naar levis501.com

De inspanningen beginnen resultaat te boeken en 501’s worden populairder mede door de toenemende invloed van de jaren ’80 en ’90 in het modebeeld. Net als andere stijliconen zal de 501 vermoedelijk nog lange tijd actueel blijven in de modewereld zij het dat er kleine intermissies in de populariteit kunnen optreden.

Raw vs. washed
Spijkerbroeken kun je in grofweg twee varianten kopen: raw en washed/distressed denim. Raw denim is onbehandeld nadat het geproduceerd in tegenstelling tot distressed denim. Raw denim zal altijd nog krimpen in de was omdat dit nu eenmaal een eigenschap van katoen is. Het is daarom belangrijk om bij de koop van raw denim er rekening mee te houden dat het na de eerste paar wasbeurten iets strakker zal worden. Washed denim wordt na productie door een speciale wasprocedure gehaald waardoor het niet langer zal krimpen. Tegenwoordig is verreweg het meeste denim washed denim.

Vaak wordt washed denim ook nog door een ‘distressing’ proces gehaald wat de jeans een gedragen look geeft vanaf de eerste dag. Bij raw denim zal dit na verloop van tijd ook optreden met name op plaatsen die aan meer slijtage onderhevig zijn. Het gaat dan met name om het gebied aan de voorzijde van de dijen, de achterzijde van de knieën en het stuk rond de enkels. Bij raw denim wordt het slijtageproces beïnvloed door het lichaam van de drager en door de verrichte werkzaamheden. Dit wordt gezien als authentieker een heeft onder liefhebbers van denim soms een hogere status. Ook wordt vaak gezegd dat denim dat door eigen gebruik slijt altijd comfortabeler zal zitten dan distressed denim.

Het grote verschil tussen distressed denim en raw denim is dat de slijtage veroorzaakt door het eigen lijf wel altijd een volstrekt unieke look zal geven die geen enkele fabrieksmatige behandeling kan geven. Geen twee mensen zijn immers hetzelfde en datzelfde kan gezegd worden van de jeans.

Distressing kan middels verschillende methodes gebeuren. Stonewashing en acidwashing zijn bekende methodes. Jeans worden dan met kleine steentjes respectievelijk bijtende middelen bewerkt. Sandblasting, het letterlijk zandstralen van jeans, gebeurde ook veel maar raakt de laatste jaren in opspraak omdat het zeer ongezond is voor de fabrieksarbeiders. Hetzelfde geldt overigens voor het bewerken middels schuurpapier.

Slijtagepatronen:
Er zijn een aantal slijtagepatronen die jeans altijd krijgen als ze lang genoeg gedragen worden. Bij distressed denim wordt vaak getracht deze slijtagepatronen fabrieksmatig na te maken. Honeycombs lijken een beetje op honingraten en zijn vindbaar aan de achterzijde van de knieën. Whiskers zijn de vervaagde strepen ter hoogte van de gulp. Stacks ontstaan aan de onderzijde van jeans als de binnenbeenlengte van de jeans een stukje langer is dan de daadwerkelijke beenlengte. De extra stof stapelt vervolgens boven op de schoen, waardoor er een vervaagd gedeelte vormt rond de enkel dat zich uitstrekt tot de kuiten. Train tracks verschijnen bij de buitenbeennaden van de jeans met name op het dijbeen. Dit patroon toont de zelfkant door de vorming van twee sets van fades die op treinsporen lijken.

Selvage:
Vorige week is selvage uitgebreid aan bod geweest. Deze week wat meer aandacht voor waarin selvage jeans zich onderscheiden van andere jeans. Kort gezegd betaal je een (forse) meerprijs voor twee elementen: karakter en aandacht. Als grondstof gebruiken de beste 100% authentiek gesponnen katoenen garen. Dit garen is helaas breekbaarder dan modern garen waardoor er vaker breuken optreden bij het verven en productie. Dit kost tijd en geldt.

Het garen wordt vervolgens tot wel 30 keer geverfd met echt indigo wat een prachtige diepblauwe kleur oplevert die met synthetische verfstoffen nog steeds moeilijk te reproduceren is. Door de lossere structuur van het garen wordt bovendien ook meer kleurstof opgenomen dan bij modern garen mogelijk is. Het weven op schietspoelmachines levert bovendien een stof op die van nature onregelmatig is van structuur. De onregelmatigheden worden geprononceerder naarmate de jeans ouder worden wat mede bijdraagt aan het ontstaan een prachtig patroon met het verstrijken van de tijd.

De grote zorg die wordt besteed aan de detaillering, van de grondstof tot het weven, verven en stikken, levert een jeans op van uitzonderlijke kwaliteit. Ouderwetse technieken worden in elke stap van het productieproces gereproduceerd. Denk bijvoorbeeld aan de kettingsteek bij de beenopening waardoor er bij de naad een dikke stiklijn ontstaat.

Jeans van selvage denim worden vaak met het verstrijken van de tijd mooier net zoals een goede wijn. Ze krijgen een uniek slijtagepatroon en zachte patina welke uniek is voor de drager. Je betaalt dus voor enorme aandacht die aan dergelijke kledingstukken wordt besteed alsmede het duurdere productieproces en je krijgt jeans met een geheel uniek, eigen karakter.

De vraag is dan of je de soms forse meerprijs de moeite waard vindt. Goede selvage begint momenteel vanaf ongeveer € 120,- Voor datzelfde geld koop je ongeveer vier gewone spijkerbroeken waar ook werkelijk niets mis mee is. Boven de € 200,- betaal je eigenlijk alleen nog maar voor het designerlabel. Dan kunnen er weinig details meer aan jeans worden toegevoegd die de meerprijs rechtvaardigen.

Selvage jeans moet je zien als een investering in de garderobe. Het is iets wat je gedurende langere tijd en als het goed is redelijk vaak zult dragen. Ik zou selvage jeans echter niet als een must-have kwalificeren. Het hebben van een paar goede, nette schoenen en een (mantel)pak is vele malen belangrijker en zou hoger op de prioriteitenlijst moeten staan. Jeans zijn immers per saldo iets wat je meestal draagt in je vrije tijd en tenzij je veel feestjes bezoekt met dresscode New York casual is het meer een nice-to-have.

Dragen, wassen en verzorging:
De meningen over hoe je denim dient te dragen en verzorgen lopen uiteen. Zoals gewoonlijk is er dus geen eenduidig antwoord hetgeen eigenlijk heel prettig is want je kunt het dan niet echt fout doen. Verreweg de meeste jeans zijn tegenwoordig “pre-shrunk” wat betekent dat ze niet zullen krimpen als je ze wast. Jeans waarmee dit niet is gedaan, zul je de eerste paar keer met beleid moeten wassen. Was ze niet te heet en niet te koud, ik houd ongeveer 30 graden aan, en hang ze daarna uit om te drogen. Doe geen koude naspoeling en gooi ze ook niet in de droger want dat eindig je met een formaat dat slechts nog geschikt is voor poppen. Ook jeans die al voorgekrompen zijn zullen altijd nog iets kunnen krimpen van het wassen, houdt daar dus rekening mee.

Er is een soort eeuwig debat tussen de liefhebbers van jeans of je ze vaak moet wassen of juist zo min mogelijk. Carl Chiara, Levi’s directeur van brand projects and special projects, heeft als credo: “The less you wash your jeans, the better your jeans become.” Hij houdt de jeans schoon middels periodiek reinigen met een vochtige doek en mild wasmiddel waar nodig en eens in de zes maanden een handwas in de badkuip waarna de broek aan een riemlus wordt opgehangen om te drogen.

Suggesties zoals deze stuiten steeds vaker op kritiek onder meer van Corry Warren, de redacteur van LS&Co. Unzipped (het blog van Levi’s). Hij geeft in een reactie op kritiek op het weinig wassen aan:

Our advice is to wash less often, but clearly, you have to judge for yourself what’s appropriate. Hot day, dirty job? Wash your jeans. Please! Cold day, office job? Maybe you can wear them twice or more before they go back to the washing machine. Personally, if I wear a pair of jeans to work on Friday—cool climate, office job—I tend to wear them on Saturday. And if Saturday is spent indoors and I’m not spilling food all over myself, I might even wear them on Sunday.

Hij kiest dus een erg pragmatische benadering. Het advies is om jeans zo min mogelijk te wassen maar het moet wel binnen de perken van het redelijke blijven. Als je een lange dag hebt gehad en je een breuk gezweten in je jeans stop ze dan liever in de was. Als je een reguliere dag achter de hand hebt en bent de avond doorgekomen zonder eten op je kleding te knoeien dan is een tweede en misschien zelfs een derde dag ook nog prima aanvaardbaar.

Tot besluit:
Nu ben je op de hoogte van de ontstaansgeschiedenis van jeans, weet je alles over raw vs. washed denim en kun je met de besten meepraten over of jeans van selvage gemaakt moeten zijn of niet. Volgende week het laatste deel van alles over denim met een compleet overzicht van de terminologie die veel gebruikt wordt in de wondere wereld van jeans.